15 december 2011
Op 9 juli 2010 is de tijdelijke crisismaatregel ‘extra tijdelijke contracten voor jongeren’ in werking getreden. De tijdelijke maatregel maakt het mogelijk om met jongeren tot 27 jaar gedurende vier jaar (in plaats van drie) of vier (in plaats van drie) opeenvolgende tijdelijke contracten aan te gaan, voordat een vast contract ontstaat.
Hiervoor is de zogenoemde ‘ketenbepaling’ in artikel 7:668a van het Burgerlijk Wetboek (BW) tijdelijk aangepast. De maatregel was bedoeld om jongeren gedurende de economische crisis langer aan het werk te houden, zodat zij uitzicht hielden op een vast contract als blijkt dat de economische situatie herstelt. Op 9 december 2011 is het verlossende woord gevallen: de tijdelijke regeling wordt niet verlengd. Omdat het een tijdelijke maatregel betrof, was al bij de totstandkoming van de regeling voorzien in overgangsrecht. Op grond daarvan geldt met ingang van 1 januari 2012 de ‘oude’ ketenbepaling van artikel 7:668a BW weer. Er is een uitzondering gemaakt voor werknemers die onder de nieuwe regeling vallen en bij het vervallen daarvan in het vierde contract zitten of de periode van dan 36 maanden hebben gepasseerd. Zij krijgen, zolang ze nog geen 27 jaar zijn, op het moment van het vervallen van de regeling geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, maar pas bij het vijfde contract of na afloop van de periode van 48 maanden.
De goede lezer heeft deze tip niet meer nodig, maar voor de duidelijkheid: Na 1 januari 2012 kan met de nog geen 27 jarige niet meer een vierde contract worden gesloten (of de looptijd voor meer dan 36 maanden worden verlengd). De contracten die in 2011 werden of nog worden verlengd zijn veilig.

